Home Inloggen Winkel Contact
 
Zoekbox
     
 
Zoekbox
Topmenu
Topmenu Home Topmenu Winkel Topmenu Links Topmenu Preken Topmenu Kerken Topmenu Overdenkingen Topmenu Agenda Topmenu Contact Topmenu
Topmenu

Afdelingen 1. Algemeen 2. Kennis Bassin 3. Kinderen 4. Meeting People 5. Muziek 6. Pastoraat 7. Winkel Bron toevoegen Beheer Informatie Diversen
Aangepast zoeken
 

In zijn rechtvaardigheid is God barmhartig (Exodus 34: 1-10)
Preek afkomstig van Ds. H.J. Boiten van de Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt te Zaltbommel.

           

Liturgie

Psalm 90 : 1 en 2

Schriftlezing: Exodus 34 : 1 - 10

Psalm 90 : 5 en 7

Tekst: HC Zondag 4

Gezang 4

Psalm 63 : 1 en 2

Preek

Geliefde gemeente van onze Here Jezus Christus,

God is rechtvaardig.

Wat betekent nou dat woord rechtvaardig? Wat betekent het nou dat we zeggen dat God rechtvaardig is?

Vaak hebben we toch zo'n beetje het gevoel dat dat woord rechtvaardig juist tegenover barmhartig staat. Tegenover liefdevol. Rechtvaardig, dat lijkt wel een beetje op streng. Erop toezien dat je geen verkeerde dingen doet.

Maar dat is niet terecht. Wanneer we over God zeggen dat Hij rechtvaardig is, dan is dat juist iets waar we blij mee moeten zijn. Als God rechtvaardig is, dan betekent dat dat God doet wat Hij zegt. Hij is te vertrouwen. We kunnen op Hem aan. Wat Hij gezegd heeft, daar houdt Hij Zich aan.

We weten wat Hij gezegd heeft. En we kunnen er van op aan dat Hij dat ook doet. We hoeven daarover niet in het onzekere te leven.

Dat is het verschil met het geloof van vele heidenen. Die leven voortdurend maar in de onzekerheid hoe ze hun goden tevreden kunnen houden. Je zag dat bij Israƫl, toen het de ba?ls diende. Ze moesten voortdurend proberen de god tevreden te stellen, om te bidden. Zoals de ba?lspriesters op de Karmel, toen bij Elia. Ze deden hun uiterste best, in de hoop dat ba?l naar hen zou luisteren. Maar hij luisterde niet. Je kon er nooit zeker van zijn of de god wel naar je luisterde.

Dat is bij ons niet zo. Wij leven in een verbondsverhouding met God. Daarin maakt God aan ons bekend, wat Hij ons belooft en wat Hij van ons vraagt.

En dat verbond, dat wordt bepaald door liefde. Het verbondsrecht, dat ligt vastgelegd in het liefdegebod. Over dat liefdegebod ging het in zondag 2.

Recht en liefde, rechtvaardigheid en barmhartigheid, staan dus niet tegenover elkaar, maar juist naast elkaar.

God is rechtvaardig en barmhartig. En dat moeten we niet tegen elkaar uitspelen. Het is juist zo dat God tegenover ons zijn barmhartigheid, zijn liefde, nooit meer zou kunnen bewijzen dan juist door zijn rechtvaardigheid.



thema:

In zijn rechtvaardigheid is God barmhartig.

We letten op: 1. Gods rechtvaardigheid:

2. Gods barmhartigheid:

1.) We letten op Gods rechtvaardigheid.

Wanneer we spreken over recht en onrecht, als het om onze verhouding met God gaat, dan moeten we dat altijd bekijken vanuit deze verbondsrelatie. Binnen dit verbond is er sprake van recht. Het recht is door God ingesteld.

Willen we echt weten wat recht en wat onrecht is, dan moeten we niet afgaan op wat wij zelf vinden en denken, op ons eigen gevoel. Want dat is door de zonde aangetast.

Dan zullen wij moeten luisteren naar wat God Zelf zegt over dat recht. God Zelf is en blijft altijd dezelfde. God blijft trouw. Hij verandert niet en zijn Woord verandert ook niet. En daarmee verandert zijn recht ook niet.

Wanneer wij dan willen weten wat recht en onrecht is, dan moeten we dus niet luisteren naar ons eigen gevoel, maar naar wat God daarover zegt. Wat God zegt, dat is rechtvaardig.

En wat God zegt, daar komt Hij niet op terug. Als Hij met ons zijn verbond sluit, en dat heeft Hij gedaan, al direct toen Hij de mens geschapen had, dan kunnen we er van op aan dat wat Hij zegt, dat Hij dat ook doen zal. Wat Hij belooft, daaraan houdt Hij Zichzelf. Maar dat betekent ook dat Hij van onze kant verwacht dat ook wij trouw zijn. En als wij dat niet zijn, dat Hij dan ook de straf zal uitvoeren die Hij gezet heeft op ontrouw. De mens wist dat van te voren. Want God is rechtvaardig. God doet wat Hij zegt.

En met dat goddelijk recht zullen wij rekening houden.

Wij kunnen over God en Gods handelen alleen denken vanuit het goddelijke recht waarbinnen God met ons omgaat. Alleen vanuit het verbond dat Hij met ons gesloten heeft.

Want zo wilde God met ons omgaan en niet anders. En wij konden dan ook op God rekenen. God was en is geen God van willekeur. H?j houdt Zich aan zijn verbond. In alles. Hij is niet ontrouw. Hij blijft trouw aan het verbond. Hij blijft trouw aan zijn eigen recht.

Dat kan voor ons hard lijken. Als God vast houdt aan zijn recht, dan betekent dat voor ons onze ondergang. Zo lijkt het. Maar wat zou er gebeuren als God niet vasthield aan zijn recht?

Dat zou onvoorstelbaar zijn.

Dan zou namelijk de enige zekerheid die er was in heel de schepping, verdwijnen. Dan zou het leven een hel worden.

Als God niet trouw bleef aan Zichzelf: wat daarvan de gevolgen zijn, dat kunnen we ons gewoon niet indenken, omdat het onvoorstelbaar is dat God dat zou doen. God is rechtvaardig. En in zijn rechtvaardigheid bestraft Hij de zonden van hen die zich tegen Hem verzetten. En die straf over de zonden is verschrikkelijk.

Maar tegelijk kan God ons zijn liefde tonen, in zijn rechtvaardigheid. De catechismus vertelt er in het vervolg over hoe dat kan. Maar juist doordat Hij in zijn liefde voor ons aan zijn rechtvaardigheid vasthoudt, zorgt God ervoor, dat onze verhouding met Hem weer volledig hersteld kan worden.

Stel dat God de zonden die wij gedaan hadden, niet zou bestraffen, maar zou doen alsof er niets aan de hand was, dan zou de verhouding toch nooit echt helemaal goed komen.

Denk je bijvoorbeeld eens in, als je getrouwd bent, en je man, of je vrouw gaat in het geheim met een ander om. Hij of zij pleegt overspel. Er is niets wat een relatie in het huwelijk zo kapot kan maken als juist dat. Dan is elk vertrouwen totaal weg. Dan is de relatie totaal verbroken. En het is dan ook een hele opgave, wanneer je als man, of als vrouw, de ander weer wilt aanvaarden, na wat hij of zij gedaan heeft. Als je het volledig wilt vergeven. Dat is haast onmogelijk. Er blijft toch altijd iets zitten. Je kunt gewoon niet doen alsof er niets gebeurd is. Het moet volledig uitgepraat worden, er moet schuld beleden worden, en dan nog is het bijna niet meer goed te maken.

En dat geldt nog meer bij zonden, die onherstelbare gevolgen hebben. Dan blijf je altijd aan dat kwaad herinnerd worden. juist door die onherstelbare schade. Juist door wat er door die zonde kapot gemaakt is.

En dan blijft er altijd wel iets zitten. Dan komt het nooit helemaal meer goed.

Zo zou het ook zijn wanneer God zou doen alsof die zonden van ons niet gebeurd waren. Wanneer God die niet volledig zou bestraffen. Wanneer alles wat kapot gemaakt was, door ons, niet volledig hersteld zou worden. Dan zou dat altijd een hypotheek leggen op Gods verhouding met ons. Dan zou er altijd nog dat verleden zijn, waardoor die omgang toch nooit weer volledig zo zou worden als die was. Zoals God die geschapen had.

En God wil niets anders dan dat die verhouding, dat verbond, die relatie, weer volledig hersteld wordt. Dat zelfs het kleinste restje reserve, het kleinste restje onzekerheid, vrees, weggedaan wordt. Dat we nooit meer bang hoeven te zijn dat God ooit nog eens op die zonden terug komt. Dat we er volledig zeker van mogen zijn dat alles totaal goed gemaakt is. En dat er voor God ook niets meer is in ons, wat een ongestoorde relatie zou kunnen verhinderen.

En daarom is er ook geen andere mogelijkheid voor een volledig herstel van onze verhouding met God, dan dat aan Gods gerechtigheid volledig voldaan wordt.

Daarom is het juist een teken van Gods liefde voor ons dat Hij zowel volledig aan zijn gerechtigheid vasthoudt, als tegelijk ook Zelf aan het werk gaat om ons te redden van de eeuwige ondergang.

2.) We letten op Gods barmhartigheid.

Het goddelijk recht moeten we nooit los gaan maken van zijn liefde, alsof Gods liefde en Gods recht tegenover elkaar staan. God is rechtvaardig en barmhartig. Zo maakt God Zich aan ons bekend.

Toen Mozes de HERE vroeg om zijn heerlijkheid te mogen zien, toen maakte de HERE Zich in zijn heerlijkheid aan Mozes bekend. en daarbij riep Hij uit: HERE, HERE, God, barmhartig en genadig, lankmoedig, groot van goedertierenheid en trouw, die goedertierenheid bestendigt aan duizenden, die ongerechtigheid, overtreding en zonde vergeeft: maar de schuldige houdt Hij zeker niet onschuldig, de ongerechtigheid van de vaderen bezoekende aan kinderen en kindskinderen, aan het derde en vierde geslacht.

Hier staan Gods barmhartigheid en rechtvaardigheid naast elkaar. God laat de zonde niet onbestraft. Wie schuldig is, zal die schuld moeten betalen. Maar God kan tegelijk ook zeggen dat Hij schulden vergeeft.

Als God schulden vergeeft, dan betekent dat niet dat Hij doet alsof er niets aan de hand is. Want waar schuld is, daar moet die schuld betaald worden. Dat zegt God Zelf: de schuldige houdt Hij zeker niet onschuldig. Maar als God vergeeft, dan betekent dat dat Hij de schuld die wij hebben, op zijn Zoon, Christus, schuift. Daarover zal het verderop gaan in de catechismus. En dat Christus vervolgens die schuld wegdoet, door er Zelf voor te betalen. Dat is vergeving. Niet doen alsof er niets aan de hand is. Maar Zelf zorgen dat die schuld betaald wordt. Nl. door zijn Zoon, Jezus Christus, die mens werd en in onze plaats voor de schuld betaalde.

Zo houdt God vast aan zijn rechtvaardigheid, terwijl Hij tegelijkertijd ons de zonden kan vergeven en barmhartig kan zijn.

We moeten de kennis van onze ellende nooit los gaan zien van de kennis van onze verlossing. Trouwens ook niet van de kennis van onze dankbaarheid.

De catechismus behandelt die drie onderwerpen in drie aparte delen. Maar in ons leven kunnen die drie delen nooit apart staan. Ook niet als drie achtereenvolgende fasen in ons leven. Heel ons leven lang zullen we telkens opnieuw zowel onze ellende, als de verlossing, als onze dankbaarheid moeten kennen.

Het is Gods liefde dat Hij ons zo laat zien dat w?j tegen zijn recht gezondigd hebben, en dat God daaraan blijft vast houden.

Het is Gods liefde, waardoor Hij ons ook laat zien, hoe Hij door aan zijn recht vast te houden, ons toch ook weer rechtvaardigt. Door aan zijn recht vast te houden, en tegelijk door Zelf ervoor te zorgen dat de mens aan dit recht voldoet. Namelijk doordat zijn eigen Zoon mens werd, en als mens in onze plaats deed wat wij hadden moeten doen.

In deze zondag, die staat in het deel van de ellende, moeten we dus zeker letten op Gods liefde.

Het gaat hier niet over een harde, strenge God, die wil dat wij ons strikt aan alle regeltjes houden.

Het gaat hier om God, die ons liefheeft. En die in zijn liefde van ons ook liefde terug vraagt. En God vraagt daarmee niet iets wat wij niet zouden kunnen geven. God wist wat Hij van de mens kon vragen. God had de mens zo geschapen, dat hij die liefde kon geven, en zo God kon verheerlijken.

Gods vraag om liefde is dus niet onrechtvaardig. Die was voluit rechtvaardig.

Dat wij nu niet meer aan die eis van liefde kunnen voldoen, doet daar niets aan af.

Gods eis blijft net zo rechtvaardig als die was, voor de zondeval. Het is toch uiteindelijk onze eigen schuld dat wij er niet meer aan kunnen voldoen. We kunnen God er nooit de schuld van geven, want we hebben het zelf gedaan. Daarom kunnen we God ook nooit gaan beschuldigen, dat Hij van ons iets onmogelijks vraagt.

Het is door het geloof, dat wij dit weten. Het is door het geloof, dat wij dit ook aanvaarden.

Het is door het geloof dat wij zien dat God in zijn liefde zijn verbond met ons gesloten heeft. Dat Hij ook aan dat verbond vasthoudt. Dat Hij daarmee niet zijn liefde verloochent, maar dat wij juist zijn liefde hebben verworpen en gekozen hebben voor onszelf, en tegen God.

Zijn liefde blijft juist staan.

Het is Gods grote liefde dat Hij aan zijn recht vasthoudt.

Zou God dat niet doen, dan zou Hij aan Zichzelf ontrouw zijn, en dat zou voor ons verschrikkelijk zijn. Dan zouden wij te maken krijgen met een God van willekeur.

Het klinkt misschien gek, maar we moeten juist blij zijn, dat God boos is over de zonde.

Want dat toont dat God Zichzelf en zijn verbond met ons serieus neemt. En wat willen wij anders dan dat wij serieus genomen worden?

God heeft Zichzelf aan de mens gegeven, in zijn verhouding met de mens. Hij gaf ons zijn liefde. In liefde heeft Hij Zich aan ons verbonden. Het verbond is een verbond van liefde.

Daarom, het verbond is tweezijdig, er zijn twee partijen: God en de mens. En van beide partijen moet liefde komen. God geeft liefde, en God vraagt liefde.

Wij krijgen liefde, en wij geven liefde.

Zo is de verhouding die God binnen het verbond vraagt, en zoals die ook was.

Nu is door de zonde deze verhouding volledig verstoord. Van onze kant komt geen liefde meer. Wij komen het verbond niet meer na. Van onze kant komt verzet, opstand tegen God. Door de zonde. Dat is onze zonde. Die zonde verstoort het hele verbond dat God met ons gesloten heeft.

God heeft de mens lief. God blijft zijn liefde geven. Aan elk mens. Elk mens is door Hem geschapen. En Hij heeft elk mens geschapen, met het doel, dat de mens Hem zou dienen in liefde.

God geeft ook nu nog steeds aan alle mensen hier op aarde zijn liefde. Maar die liefde blijft onbeantwoord. Omdat de zonde daarvoor in de plaats gekomen is.

De mens kan geen liefde meer geven, de mens kan alleen zonde doen.

Wanneer nu het verbond hersteld moet worden, dan moet eerst die zonde weg. Die zonde ligt in de weg. En zolang die zonde niet weg is, kan het nooit goed komen.

En God wil in zijn grote liefde dat het wil goed komt. God wil dat het verbond weer volledig hersteld wordt.

Daarom houdt God nog steeds aan het verbond vast. En wijst Hij de enige mogelijkheid aan om het verbond te herstellen: dat is dat de zonde weg moet. En die zonde kan alleen weggedaan worden, door te voldoen aan de straf die binnen het verbond op de zonde gesteld is.

Het is juist Gods genade dat Hij blijft vasthouden aan het verbond van zijn liefde. Dat Hij tegen ons blijft zeggen: Ik geef jullie mijn liefde. En Ik vraag van jullie liefde voor Mij. En die liefde, die kun je zo tonen, door je aan mijn geboden te houden.

Als Hij wil dat het weer goed komt tussen Hem en ons, dan wil Hij dat het ook volledig goed komt. Dat er door de zonde zelfs niet de geringste smet op die verhouding geworpen wordt.

En daarom wil God in zijn liefde ook, dat de zonde bestraft wordt.

Dat is het waar zondag 4 mee eindigt. De straf op de zonde. Alleen zo kan aan Gods gerechtigheid worden voldaan en kan onze verhouding met God weer volledig hersteld worden. En nu we tot die conclusie gekomen zijn, nu gaat zondag 5 dan verder over het hoe. Hoe kunnen wij weer in genade aangenomen worden.

Het is Gods genade, waardoor wij onze ellendige situatie werkelijk inzien. Maar God toont zijn genade juist aan ons, omdat Hij ons wil verl?ssen, omdat Hij wil dat het weer goed komt tussen Hem en ons.

Amen.

Kopieerrechten: © copyright Kerken.com, 2002 - 2010.
Niets uit deze uitgave mag gepubliceerd of vermenigvuldigd of openbaar gemaakt worden in welke vorm dan ook, zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van de webmaster van Kerken.com en de bijdragende predikant. Voor vermenigvuldiging ter voorbereiding van, en openbaarmaking tijdens de zondagse eredienst is het wenselijk de predikant hiervan op de hoogte te stellen. Dit kan met behulp van het hiervoor bestemde formulier 'preek gebruiken'. Ter voorbereiding van bijbelstudie(bijeenkomsten) is geen toestemming nodig.
 

Agenda
Boeken
Bijbel
kerk
Levensvragen
Links
Muziek
Nieuws
Overdenkingen
Preken


Kruis | Copyright 2003-2019 Kerken.com | deze pagina toevoegen aan favorieten | Contact | Disclaimer | A A A | Tell A Friend! | Kruis

 
tumblr site counter